maandag 30 maart 2015

Integreren of 'gediscrimineerd' worden

                                                                     

‘Discriminatie’ en ‘racisme’ zijn de toverwoorden van in Nederland wonende allochtonen. Te pas en nog veel vaker te onpas, worden ze gebruikt om (vermeend) slachtofferschap aan te duiden en de autochtone bevolking in staat van beschuldiging te stellen. Niet zelden worden de termen ook gebruikt om het geweten te sussen bij allerlei soorten van fraude. Als ‘slachtoffer’ mag je wel wat terugpakken als je ‘gediscrimineerd’ wordt.

Discriminatie, laat staan racisme, is veel minder omvangrijk dan wel eens wordt beweerd en aangenomen. Discriminatie in de betekenis zoals veel allochtonen die gebruiken, bestond ook al toen er nog nauwelijks  allochtonen in Nederland verbleven. Als je uit een bepaalde buurt of dorp kwam, van een bepaalde familie was, een bepaalde religie had, je uiterlijk (vooral als vrouw) niet meehad, je slordig kleedde en er onverzorgd uitzag, kwam je onderaan op het lijstje van sollicitanten. Is het discriminatie als bepaalde voor- of afkeuren, eerdere ervaringen met een bepaald type sollicitant, risicoafwegingen en sfeerbewaking een bewuste of onbewuste rol spelen? Of is het gewoon alledaags gezond verstand dat wordt gebruikt om de beste keuze te maken.

Is het discriminatie als altijd dezelfde jongens of meisjes als laatste worden gekozen bij het samenstellen van een elftal of team? Als regel gaat het gewoon om de kwaliteit van een speler en dat kan hard zijn voor iemand die minder kwaliteiten heeft.

Discrimineert een werkgever die na eerdere vervelende ervaringen geen Marokkanen meer aanneemt? Strikt juridisch wellicht wel, maar in de praktijk van alledag doet hij niet anders dan risico’s uitsluiten en als ondernemer doet hij dat dagelijks en op tal van terreinen.

Voor allochtonen is het van belang om te begrijpen wanneer de ervaring van gediscrimineerd worden of gediscrimineerd voelen zich voordoet. Als je niet echt geïntegreerd bent (wanneer ben je geïntegreerd?), kom je niet boven aan de lijst. Vanuit de ervaring dat de meeste allochtonen niet echt geïntegreerd zijn, zal een werkgever of sollicitatieteam dat soms bijna automatisch doen. Let wel: de ervaringen zijn slecht. Dat gaat niet alleen over de beheersing van de Nederlandse taal. Het gaat ook om de andere cultuur. Je hebt niet dezelfde informatie, begrijpt sommige grapjes niet, je voelt je snel achtergesteld, je komt met eisen (een bidplek bijvoorbeeld) wat je collega’s overdreven vinden, of je wilt je hoofddoek blijven dragen terwijl je collega’s dat niet geweldig vinden.

Veel allochtonen hebben een als discriminatie ervaren bejegening in feite te danken aan de hardnekkigheid waarmee men aan eigen cultuur en taal vasthoudt. Dat recht wordt ze niet ontzegd, maar kan geen onderbouwing zijn voor de eis om op dezelfde manier te worden behandeld als een Nederlander. Het woord ‘allochtoon’, in feite een statistische term, zal niet verdwijnen uit het Nederlands spraakgebruik.  De statische term heeft zich ontwikkeld tot een aanduiding van iemand die hier geboren kan zijn en een Nederlands paspoort heeft, maar niet geïntegreerd is.

Een goed geïntegreerde Marokkaan of Turk heeft vaak nog steeds zijn naam en afkomst tegen. Ondanks een wellicht prima C.V. kan een stereotype beoordeling een rol spelen. Wie echter goed geïntegreerd is heeft een breed netwerk dat voor een deel uit autochtonen bestaat en dat hem hulp kan bieden. Wie echt geïntegreerd is zal minder problemen op de arbeidsmarkt ervaren en heeft een grote kans zijn baan langer te behouden dan slecht geïntegreerden die maar al te vaak het eerste jaarcontract niet verlengd zien. Ook ‘schijn-integratie’ is een probleem.

In zijn column ‘De geboren zondebok’ brengt Özcan Akyol (NRC 21032015) het niet-geïntegreerd zijn scherp onder woorden. Over de goedopgeleide Yasmina Haifi, die haar baan op het ministerie van Justitie en Veiligheid verloor vanwege haar tweet waarin ze stelde dat IS niets met de islam heeft te maken, maar een Zionistisch complot is dat door joden werd bedacht om de islam in diskrediet te brengen, schreef Aykol dat ze op dat moment haar masker verloor. Voor even verscheen achter de politiek correcte opstelling, waarmee ze zich door het leven bewoog, haar echte gezicht dat ze normaal thuis zou laten. Yasmina Haifi is daarmee een voorbeeld van schijn-integratie. Ze wil niet dat haar etnische omgeving als kaaskop veroordeelt, ze heeft haar identiteit behouden en ging met een masker op naar haar werk. Het toont aan hoe moeilijk integreren is als je directe omgeving, je thuisland en je religie dat eigenlijk niet van je accepteert.

Voor niet-integreren betaal je een prijs in de samenleving en voor integreren in die samenleving betaal je een prijs bij je traditionele achterban. Wat je ook kiest één van de twee zal je daar voor laten betalen. Je wordt door de kat of door de hond gebeten en als je dat discriminatie noemt draai je oorzaak en gevolg om. Integreren is kiezen. Kiezen voor jezelf levert je binnen de Nederlandse cultuur de meeste kansen op.

(in een artikel in het Parool verwoordde Renzo Verwer eveneens de gedachte dat moslims niet het alleenrecht op discriminatie kunnen claimen, link: artikel )


woensdag 18 maart 2015

Wanneer ben je geïntegreerd en geen allochtoon meer?

                                                                   


‘Allochtoon’ is een zelfstandig naamwoord geworden, dat ook los van zijn statistische achtergrond wordt gebruikt. Je kunt hier geboren zijn, van de derde generatie zijn die hier woont en een Nederlands paspoort hebben, maar toch allochtoon zijn gebleven. Ik gebruik de aanduiding ‘allochtoon’ nagenoeg automatisch en als vanzelfsprekend om iedereen aan te duiden die niet geïntegreerd is.

Wanneer ben je geïntegreerd? Daar schijnt onduidelijkheid over te zijn las ik laatst. Onder moslims schijnt er ook behoefte te zijn aan duidelijkheid. Ze willen erbij horen en hebben behoefte aan helderheid. Dat is te begrijpen. ‘Integratie’ is een onderwerp waarover onduidelijkheid blijft bestaan omdat het omstreden is.

Integratie wordt tegengewerkt
Landen van afkomst zoals Marokko en Turkije streven er naar om hun hier wonende onderdanen Marokkaans dan wel Turks te houden. Het dubbele paspoort helpt daarbij. Ook vanuit de islam wordt alles in het werk gesteld om mensen islamitisch te houden en de sociale controle in moslimgemeenschappen helpt daarbij. Islam staat integratie in de weg en werkt het bewust tegen. Islamideoloog Tariq Ramadan pleit voor een parallelle samenleving voor moslims die alleen voor zover onvermijdelijk economisch participeren in westerse samenlevingen. Politiek worden moslims gevangen gehouden in de in het Midden-Oosten levende conflicten en de door hun imams gepreekte afwijzing van westerse waarden die inferieur zouden zijn aan die van de islam. Het multiculturele overheidsbeleid heeft de segregatie alleen maar versterkt. Het valt voor een moslim of moslima dan ook niet mee om te integreren in de Nederlandse samenleving. Zonder conflicten met de eigen familie gaat dat als regel niet.

Verellendung
‘Verellendung’ is een begrip uit de marxistische theorie waarmee de marginalisering en verarming van groepen in de samenleving wordt aangeduid als gevolg van het kapitalistische economische systeem. Maar ook het tegenwerken van integratie zoals ik hierboven beschreef leidt tot ‘Verellendung’ omdat  integratie de belangrijkste weg is naar maatschappelijk succes. Het gebrek aan integratie belemmert kansen, leidt tot marginalisering, armoede en criminaliteit. Door het politiek correcte deel van Nederland en door islamitische voorlieden worden in dit verband oorzaak en gevolg nog al eens ontkend en omgedraaid. De bejegening van allochtonen door autochtonen zou de oorzaak zijn. Maar dat is eigenlijk gemakkelijk te weerleggen. Goed geïntegreerde moslims hebben als regel maatschappelijk succes. Ik vraag me daarom wel eens af of de ‘verellendung’ door de islam bewust wordt nagestreefd door integratie tegen te werken. ‘Verellendung’ is een kweekvijver voor opstandigheid.Islamisten zoals van de Moslim Broederschap, maken daar gebruik van.

Wanneer ben je geïntegreerd?
Het hameren op onderwijs om integratie te bevorderen zoals bijvoorbeeld D”66 doet, is weinig zinvol. De integratie onder de tweede en derde generatie, generaties die hier zijn geboren en volledig Nederlands onderwijs hebben genoten is slechts marginaal toegenomen. Als je moslims vraagt of ze willen dat het goed gaat met Nederland of dat het goed gaat met de islam, zal statistisch gezien zo’n 60 tot 70% er voor kiezen dat het goed gaat met de islam. Ze zullen hun gedrag daar op afstemmen. Het is een houding waarin integratie wordt afgewezen. Allochtonen die wel een houding kiezen die integratie mogelijk maakt krijgen te maken met afwijzing vanuit de eigen groep en lopen de kans geïsoleerd te raken. Als ze goed geïntegreerd zijn, is de kans op isolatie gering. Goede integratie heeft een aantal kenmerken:
1.     Nederlands is je eerste taal. Bij ‘allochtonen’ is Nederlands meestal de tweede taal omdat aan de thuistaal de voorkeur wordt gegeven. Als Nederlands niet je eerste taal is, levert dat een levenslange handicap op in het onderwijs en in het werk. Voor mensen die hier niet geboren zijn is dit natuurlijk een lastige opgave. Ik zie het als een taak voor ouders om hun kinderen met taal op het goede pad te zetten
2.     Een gemengd netwerk. Je netwerk bestaat niet alleen uit etnisch verwanten en geloofsgenoten. Je hebt ook autochtone vrienden, kennissen en relaties waarmee je actief omgaat. Je rekent op je netwerk en de leden van je netwerk kunnen op jou rekenen.
3.     Je maakt je eigen keuzes. Je kiest voor je eigen toekomst vanuit je eigen inzichten en belangen. Je laat je keuzes niet afhangen van wat je ouders, broers en zussen, ooms en tantes of buren vinden dat je moet kiezen.
4.     Je wilt dat het goed gaat met Nederland. Nederland is je bakermat die je kansen en mogelijkheden geeft. Je interesseert je voor de politiek en je gebruikt Nederlandse bronnen om je te informeren. Je gaat er van uit dat als het goed gaat met Nederland, het ook goed kan gaan met jou.
5.     Je begrijpt de Nederlandse cultuur. Je bent je bewust van de verschillen tussen je etnische cultuur en de Nederlandse cultuur en hun geschiedenis. Je begrijpt dat het delen van de Nederlandse cultuur je kansen op een geslaagd leven vergroot en het vasthouden aan de eigen etnische cultuur de slaagkans belemmert. Je ziet het je eigen maken van de Nederlandse cultuur als een verrijking.
6.     Je bent maatschappelijk actief. Je hebt rechten en plichten. Je zet je in voor zaken die van maatschappelijk belang zijn en je weegt deelbelangen af op het algemeen belang.
7.     Je relativeert religie. Als je gelooft, ben je moslim zoals autochtone Nederlanders katholiek of protestant zijn. Je respecteert andere religies. Je loopt niet te koop met je eigen religie, dringt anderen niets op en je verafschuwt religieus gemotiveerd geweld.
8.     Je wilt je kinderen kansen geven. In hun begeleiding naar volwassenheid maak je keuzes die hun slaagkans bevorderen. Nederlands is de thuistaal. Je brengt ze respect bij voor je afkomst, maar maakt ze duidelijk dat het leven in Nederland een andere houding vergt dan die in het land van je afkomst.
9.     Je bent niet etnisch bevooroordeeld. Je beoordeelt mensen op hun persoonlijke kwaliteiten en niet op hun afkomst, geaardheid of religie.
1    Je accepteert niet dat ze je nog een ‘allochtoon’ noemen. Als je geïntegreerd bent, ben je een autochtoon, iemand die zijn land liefheeft ongeacht zijn politieke of religieuze voorkeuren en ongeacht zijn afkomst..

Integreren gaat niet vanzelf, het vraagt om een bewuste keuze en inzet. Je kunt niet een beetje een Nederlander zijn. Je bent het, ongeacht je afkomst, helemaal of niet.
Nederland verkeert nog steeds in een post-multiculturele fase en is daarom nog aarzelend in het benoemen van de kenmerken van integratie. Toch moet die stap worden gezet en zal worden gezet. Integratie zal de komende jaren een belangrijk beleidsonderwerp worden. Integratie is ook het beste wapen tegen discriminatie

Iemand die niet geïntegreerd is, is van beperkte waarde voor de samenleving en mist kansen en mogelijkheden voor zijn eigen leven. Iemand die niet geïntegreerd is heeft geen redenen om te protesteren als hij blijvend ‘allochtoon’ wordt genoemd. En om het maar wat harder te stellen: een allochtoon is iemand die profiteert van wat de Nederlandse samenleving te bieden heeft, maar daar niets voor terug geeft. Wederzijdsheid ontbreekt. Zulke mensen zijn we eigenlijk  liever kwijt dan rijk en daar is niets mis mee.

Update
Het sociaal cultureel planbureau publiceerde op 16 december een studie over integratie. Een van de bevindingen was dat goed geïntegreerden gelukkiger en gezonder zijn. Ik vermoed dat dit mede het gevolg is van het zich bevrijden van knellende sociale banden die de vrijheid van denken en handelen beperken.


maandag 12 januari 2015

De meeste moslimse ouders 'houden te weinig' van hun kinderen

                                                                      


Ze houden van het land waar ze vandaan komen. Ze houden van de cultuur die bij dat land hoort en waarin eer een belangrijke rol speelt. Ze houden van hun cultuur waarin de belangen van eigen familie, clan en stam belangrijker zijn dan het algemeen belang en de overheid die dat vertegenwoordigt. Ze houden van de taal van hun thuisland en blijven die thuis spreken. Ze houden van de smaken en geuren van hun land van oorsprong. Ze houden van hun islamitische religie, van de Profeet en van Allah. Ze houden op tribale wijze van hun familie en clan. Ze houden van hun schotel, de navelstreng die hen verbindt met alles waar ze van houden.

Ze houden te weinig of op de verkeerde manier van hun kinderen. Ze bereiden die niet voor op het leven in de Nederlandse samenleving zodat ze daarin succesvol zullen worden. Hun kinderen begrijpen te weinig van de normen en waarden in hun woonland. Hun kinderen gebruiken Nederlands als tweede taal en missen alle nuances van die taal. Het is niet eens zo erg dat ze het regelmatig over die meisje hebben. Veel erger is dat ze veel missen omdat taal de drager en expressie van cultuur is.

Als moslimse ouders echt van hun kinderen zouden houden  en hun kansen zouden willen vergroten bij de deelname in de samenleving waarvan ze deel uit maken, zouden ze het heel anders aanpakken. Maar dat doen ze niet. Ze worden daarbij ook niet gestimuleerd door moslimse voorlieden en vertegenwoordigers van hun thuisland. Dat zijn degenen die ze voorhouden dat de eigen religie, het thuisland en de eigen cultuur een onvervreemdbaar recht is. Daarom moeten ze hun dochter kleden met de vlag van de islam, daarom moeten hun zoons verbaal en fysiek sterk worden. Te lang heeft de Nederlandse overheid dat gesteund, idealistisch en naïef.

Kinderen van moslimse ouders doen het over het algemeen slecht in de Nederlandse samenleving omdat ze vastgehouden worden in de cultuur van hun ouders en daardoor niet in staat zijn om zich thuis te voelen in de cultuur en taal van hun woonland. Op werkplekken waar die cultuur en taal van groot belang zijn, houden ze het vaak niet langer dan een jaarcontract vol. Ze vallen door de mand omdat ze in belangrijke mate de aansluiting missen.

Voor het falen van moslimse ouders om hun kinderen voor te bereiden op de samenleving waar ze deel van uit maken, hebben hun voorlieden bedacht dat de schuld elders ligt dan in eigen gelederen. De Nederlandse samenleving discrimineert hun kinderen, zeggen ze. De Nederlandse samenleving is racistisch, zeggen ze. Vervolgens blazen ze de geringe mate waarin racisme en discriminatie in Nederland voorkomen op tot maximale proporties, wijten het aan islamofobie en betogen dat islamofobie gelijk staat aan racisme. Het is een effectief recept dat in Nederland polarisatie veroorzaakt. De exploitatie van slachtofferschap werkt. Vooral naïef en politiek correct Nederland steunt hun zaak uit angst voor het etiket van discriminatoir of racistisch denken en handelen.

Worden moslimse ouders die hun kinderen uit niet begrepen eigen belang verwaarlozen, misbruikt voor de agenda van anderen? Bijvoorbeeld door het kind een islamitische voornaam te geven? Daar lijkt het wel op. Vanuit hun thuislanden worden ze gemaand de nationaliteit van het thuisland in ere te houden en vanuit de islam worden ze gemaand vooral aandacht te schenken aan de opvoeding van de kinderen in de islamitische tribale cultuur en tradities. Het lijkt er op dat ze weg worden gehouden van integratie in de Nederlandse samenleving omdat dit ten koste zou gaan van de puurheid van de religie. De sociale controle binnen moslimse groeperingen zorgt er voor dat er niet al te veel schaapjes afdwalen.

Bassam Tibi, een in Nederland te weinig gelezen islamoloog, waarschuwt voortdurend voor de politieke islam. Wat hem betreft is het er op of eronder. Of de islam wordt Europees, of Europa wordt islamitisch, stelt hij. Dat is de strijd die gaande is en door te weinigen wordt begrepen. Voorlopig staan we achter in die strijd. Een Europese islam die past in de godsdienstvrede van Europa is nog niet zichtbaar. Het is ook niet in het belang van de islam. Een matiging van de leer verzwakt het kerndoel van de islam om de wereld voor Allah te veroveren.

Annabel Nanninga, columniste bij Jalta.nl mag van politiek correct en naïef Nederland niet zeggen dat het oorlog is. Dat is het natuurlijk wel. De doelen op lange termijn van de islam en de daarop afgestemde strategie worden nog onvoldoende onderkend. Ook moslimse ouders schijnen onvoldoende te beseffen dat ze op manipulatieve wijze worden ingezet voor een strijd die maar al te vaak hun strijd niet is.

Voor Nederland en voor Europese landen is er maar een keuze in deze situatie. De strijd aangaan en volledig in te zetten op integratie. Het is de enige keuze die een Europese islam mogelijk maakt. Het is de enige keuze die van de kinderen van moslimse ouders volwaardige burgers maakt. Het is de enige keuze om de strijd aan te gaan met degenen die de slachting van mensen in naam van de islam overal in de wereld veroorzaken. Het is de enige keuze die kan bijdragen tot meer vrede in de wereld.


Aanvulling. Citaat Paul Scheffer uit NRC van 1 april 2017: . Ik zou tegen die ouders zeggen wat de Turks-Duitse socioloog Necla Kelek ooit schreef: Jullie zijn nooit meer terug naar Turkije gegaan, maar hier gebleven. Jullie verraden de keuze die je in je leven hebt gemaakt door je kinderen op te voeden met de leuze ‘en büyük Türk’, wat zoveel wil zeggen als ‘Turken staan boven iedereen’. Wie zijn kinderen bewust vervreemdt van het land waar ze hun toekomst moeten vinden, draagt bij aan hun mogelijke mislukking.

                                                                            

zaterdag 10 januari 2015

De zweepslagen van de Islam

                                                                        

We leven op voet van oorlog en dat al jaren, we beseffen het alleen niet. De teksten van de koran zijn eenoorlogsverklaring aan alles wat niet islamitisch is. De koran roept op tot strijd tot de wereld van Allah is. De perverse beloningen die de koran belooft zijn buit en slaven of de martelaarsdood die recht geeft op een paradijselijk leven. De aanslagplegers in Parijs kozen voor het laatste.
We zijn niet in oorlog met moslims, we zijn in oorlog met een ideologie die hen motiveert om de Allah uit de koran tevreden te stellen. Hoe maakt niet uit, de ethiek van de strijdbare islam kan worden omschreven als: ‘het doel heiligt de middelen’. De westerse waarden moeten worden gegeseld want de westerse waarden staan haaks op die van de islam en vormen een bedreiging voor de islam.

Tussen alle islamitisch geweld waarmee we de afgelopen week weer werden geconfronteerd, kreeg een berichtje uit de islamitische wereld veel te weinig aandacht. Maar tien regeltjes in mijn ochtendkrant.  Het betreft de veroordeling van de Saoedische blogger Raif Badawi die in Saoedi Arabië werd veroordeeld voor tien jaar cel en duizend zweepslagen omdat hij de islam zou hebben beledigd. De zweepslagen van de islam treffen niet alleen degenen die zich in het Westen verzetten tegen een totalitaire ideologie, ze treffen ook moslims die zich aan kritiek wagen. De waarheid in islamitische landen zit maar al te vaak in de gevangenis, wordt gegeseld, vermoord of wettelijk omgebracht.  Duizend zweepslagen overleef je niet.

De aanslagen in Parijs en de straf voor blogger Raif Badawi komen uit dezelfde bron. De reputatie van de islam, van de koran en van de profeet dient onberispelijk te blijven, boven iedere twijfel verheven te zijn en ‘in submission’ erkend te worden als de ultieme waarheid. Die zogenaamde waarheid wordt met geweld en intimidatie beschermd.

Islamkritiek wordt in Nederland ook nauwelijks geduld. Bekende critici worden gemarginaliseerd en
gedemoniseerd. Het zijn er maar weinig die de moed hebben om het voor hen op te nemen. De islam in Nederland is druk bezig om critici met nieuwe zweepslagen te geselen. De islamcriticus is fobisch en islamofobie staat gelijk aan racisme. De beschuldiging van racisme is een zweepslag, het is verbale intimidatie en ondermijning van reputaties en het werkt. Bekende moslims als Marcouch en Elforkani waren voor de aanslag in Parijs druk bezig met de campagne om islamkritiek als racistisch te bestempelen.  Hun actie komt uit dezelfde bron als de aanslagen in Parijs, het straffen van de blogger Raif Badawi en de vele andere aanslagen op het onthullen van de waarheid en de vrijheid van meningsuiting.

De campagne om islamkritiek tot racisme te verklaren maakt handig gebruik van de Nederlandse wetgeving die racisme verbiedt en van de bestaande gevoeligheid voor termen die ontleend zijn aan de holocaust. Met de gedachte: ‘dat nooit meer’, trapt een deel van de Nederlandse bevolking (de politiek correcten) in de uitgezette val en zijn blind voor de oorlog die de Islam voert tegen westerse waarden.

Na de aanslagen in Parijs haasten figuren als Marcouch en Elforkani zich om te verklaren dat terrorisme met harde hand moet worden bestreden en dat terrorisme  geen islam is. Dat ze zelf aan verbale terreur doen met de campagne om islamcritici tot racisten te verklaren blijft op dit ogenblik even op opportunistische wijze buiten beeld, maar zal als de ontzetting van de afgelopen week is geluwd wel weer gerevitaliseerd worden. Het is immers een plicht die uit de koran voortvloeit. Ineke van de Valk, verbonden aan de Universiteit van Amsterdam schreef een pseudo-wetenschappelijk  boek om de campagne te steunen en ik vraag me af hoeveel geld ze daarmee voor de universiteit heeft binnengehaald. De islam betaalt goed voor dat soort dingen. Met haar slachtofferretoriek heeft ze politiek correct Nederland tot collaboratie weten te bewegen. Veel zweepslagen worden uitgedeeld door politiek correct Nederland.

Ook Aboutaleb veroordeelde het terrorisme, maar niet de broedstoof die het voortbrengt. De meest wenselijke stap liet hij na. De reputatie van de  islam mag niet besmeurd worden, daarom moet het terrorisme publiekelijk van de islam worden gescheiden. Het is een vorm van schijnheiligheid.
Moediger was Laila Ezzeroli in de opiniebijlage van de Volkskrant van 10 januari 2015.  Ze schrijft: “Ik denk dat we geen afstand moeten nemen van radicaliserende moslims. We moeten juist ondubbelzinnig  zijn en erkennen dat ze een deel van ons zijn. De vijand is uit ons voortgekomen. Uit onze schoot en huizen, uit onze religieuze apologetiek, uit onze boosheid……”
Ondubbelzinnige taal, waarbij de dubbelzinnigheden uit de islamretoriek van op televisie pratende verbale jihadisten in al hun valsheid aan het kruis wordt genageld.

Europeanen roepen ‘Je suis Charlie’, Laila Ezzeroli is een ‘Charlie’, ze voegt de daad bij het woord. Bijna alle moslims weten dat de analyse van Ezzeroli waar is. Het zou daarom mooi zijn als moslims moedig zouden roepen ‘Ik ben Laila’, maar dat mogen ze niet van hun geloof. En daar, precies daar, zit het probleem van de islam. Je mag alleen wat het geloof voorschrijft. Als je je daar niet aan houdt volgen er zweepslagen.





donderdag 8 januari 2015

Booslims slaan toe in Parijs

Terrorsisten worden bejubeld als helden


7 januari 2015 kan in ons geheugen worden opgeslagen naast 2 november 2004 toen Theo van Gogh werd vermoord. De aanslag op de redactie van Charlie Hebdo is twaalf keer de moord op Theo van Gogh las ik ergens. Klopt, maar de gebeurtenissen zijn in hun invloed vergelijkbaar.

De vrijheid van meningsuiting in Nederland was na 2 november 2004 niet meer dezelfde. Hetzelfde zal in Frankrijk ook gebeuren. Als de eerste emoties, die mensen doen verklaren dat ze niet bang zijn en dat ze Charlie Hebdo zijn (Je suis Charlie Hebdo) zullen zijn weggeëbd, zal iedereen in Europa zich realiseren dat kritiek uitoefenen op de islam een keuze is die risico’s met zich meebrengt. Balie-directeur Yoeri Albrecht verklaarde naar aanleiding van de aanslag in Parijs dat in Nederland de vrijheid van meningsuiting al lang onder druk staat. Hij wil zijn personeel en publiek risico’s besparen door af te zien van manifestaties die aanstoot kunnen geven. Youp van het Hek verklaarde dat hij op zijn woorden let.

Moslims die de teksten van hun religie letterlijk nemen zijn snel gekwetst. Een kritische of badinerende opinie over de Islam kan ze in woede doen ontsteken. Voor de redactie van Charlie Hebdo was geen enkele religie heilig, alleen vanuit de islam kwamen er bedreigingen op hun teksten en spotprenten. Daar is een verklaring voor. In de tribale cultuur van de meeste moslims wordt kritiek op hun religie gezien als een vijandige daad die vergolden moet worden. Binnen hun cultuur gebeurt dat ook tussen stammen onderling. Philip Salzman, een Canadese antropoloog heeft na 20 jaar veldwerk de tribale culuur uitvoerig in beeld gebracht in zijn boek ‘Culture en conflict in the Middle East’. Afschrikking, dreiging en als het nodig is geweld vormen het gereedschap waarmee stammen onderling hun verhouding regelen in wat Salzman ‘Balanced opposition’ noemt. Het boek is helaas nog steeds niet vertaald in het Nederlands.

In Europa wordt die tribale cultuur niet goed begrepen en bestaat er afkeer en angst om culturen van andere volkeren negatief in beeld te brengen. Onze universiteiten hebben al meerdere generaties menswetenschappers opgeleid met het idee dat het niet correct is om iets over andere culturen te zeggen. Het zijn de generaties van politiek correcten die het vermanende vingertje opsteken zodra ze iets negatiefs over andere culturen tegen komen. Die houding heeft ook zijn weg gevonden naar de media, het onderwijs, de politiek en het bestuur. Islamisten, in dit verband duid ik ze altijd aan als ‘verbale jihadisten’, maken daar handig gebruik van. Ze manoeuvreren de islam en moslims in een slachtofferrol en weten altijd weer steun te krijgen uit het politiek correcte deel van Nederland. Critici van de islam worden daardoor stelselmatig gemarginaliseerd en gedemoniseerd. Wie de vinger op de zere plek legt wordt veroordeeld. Fouad Sidali is een goed voorbeeld van wat ik met ‘verbaal jihadisme’ bedoel. Na de omstreden uitspraken van Wilders (minder, minder, ……) zette hij de opinievorming op scherp met zijn tweet: “Hitler is onder ons, in de gedaante van Wilders….” Godwins zijn het geliefde instrument van verbale jihadisten omdat ze weten dat ze daarmee een gevoelige snaar  raken die de door hen gewenste reactie kan oproepen. Het meest trieste resultaat van samenwerking tussen verbale jihadisten en vooringenomen wetenschappers vinden we in het boek van Ineke van der Valk (UvA) waarin ze betoogt dat islamcritici islamofoob zijn en dat islamofobie een vorm van racisme is. Met medewerking van een Marokkaanse organisatie is het boek vertaald in het Frans en Engels.

 Islamkritiek wordt binnen onze samenleving op die manier ondermijnd. Reputatiebeschadiging is het lot van degene die het waagt om buiten de door politiek correcten getrokken lijnen te treden. Het is een effectieve manier van sociale controle die de vrijheid van meningsuiting aan banden legt. Ien Dales zei als minister van Binnenlandse Zaken eens dat ‘een beetje integriteit niet bestaat’. Hetzelfde kan gezegd worden van de vrijheid van meningsuiting. Dat was ook de insteek van de redactie van Charlie Hebdo die tegen alle druk in zich niet liet intimideren. In Nederland zou je ‘Geen Stijl’ als voorbeeld daarvan kunnen zien. Politiek correct Nederland als slippendrager van de verbale jihadisten hebben dat medium effectief van een slechte reputatie weten te voorzien.

 Je hebt de rauwe en brute moord op de redactie van Charlie Hebdo en daarnaast de stelselmatige verbale sluipmoord op de vrijheid van meningsuiting van degenen die net zo openhartig willen spreken of schrijven over de islam als over het katholicisme. Het laatste brengt geen risico’s met zich mee, het eerste wel en daar wringt de schoen.

 Terrorisme moet worden bestreden. We moeten echter niet vergeten dat terrorisme hooguit het meest in het oog springend deel is van de islamisten die het korangebod om de wereld voor Allah te veroveren als opdracht zien. Islamisten voorzien moslimpopulaties van negatieve oordelen over westerse waarden en westerse politiek. Ze stellen met behulp van de thuislanden alles in het werk om die populaties opgesloten te houden in wat Ayaan Hirsi Ali een gevangenis pleegt te noemen. Die populaties vormen de broedstoof van het jihadisme en islamofascisme. Terrorisme moet worden bestreden. De meest effectieve manier op langere termijn is echter de cultuur te bestrijden die terrorisme voortbrengt.

 Annabel Nanninga schreef naar aanleiding van de aanslag in Parijs op Jalta dat het oorlog is. Daar ben ik het mee eens. De inzet van die oorlog is onder woorden gebracht door de islamgeleerde Bassam Tibbi die al jarenlang de ontwikkelingen met grote bezorgdheid beschrijft. Er zijn twee mogelijkheden stelt hij: De islam wordt Europees of Europa wordt islamitisch. De redactieleden van Charlie Hebdo meldden zich met pen en tekenpotlood aan het front van die oorlog en zijn te zien als slachtoffers van de aan de gang zijnde oorlog.

 Ik bevind me in een complexe emotie. Boos, bang, verdrietig en cynisch tegelijk. Als ik me afvraag in welke wereld mijn kleinkinderen zullen leven, overheerst de angst voor het tribale geweld waar we geen verweer tegen hebben. Bij alle grote woorden over de vrijheid van meningsuiting en de vastberadenheid om terrorisme te bestrijden, valt telkens te horen dat we het geweld van jihadisten niet moeten toeschrijven aan de islam en moslims. Dat geeft me weinig vertrouwen. Overheden en politici die me vragen de broedstoof van het jihadisme te negeren vergelijk ik met de geruststellers die voor de watersnoodramp van 1953 meenden dat het risico te laag was om ons zorgen over te hoeven maken.

 Er zijn veel booslims. Statistieken wijzen uit dat er veel sympathie is voor de jihadisten. Het is moeilijk om ze te onderscheiden van moslims voor wie vrede echt iets betekent. De kernopdracht van de islam is om de wereld te veroveren voor Allah. Dat betekent oorlog. Daar zullen we nog veel last van houden alvorens er een algemeen besef ontstaat dat het dat is waartegen we ons moeten verweren. Voor mijn kleinkinderen hoop ik dat het dan niet al te laat is.

dinsdag 9 december 2014

Is er voor de PvdA nog een weg terug?

                                                                        


Als we de Volkskrant van 9 december 2014 moeten geloven is Hans Spekman bezig de PvdA vanaf de grond opnieuw op te bouwen tot een partij waarin de doelgroep zich weer herkent. Maar het is de vraag of die doelgroep de partij, die veel kiezers van zich heeft vervreemd, nog wel vertrouwt.

Met Wim Kok kon arbeidend Nederland zich nog identificeren. De in 1986 door de Uyl naar de Tweede Kamer gehaalde Kok was groot geworden in de vakbond en met een timmerman als vader was hij een rolmodel voor het emancipatiestreven van de PvdA. ‘Sterk en Sociaal’ het motto van de PvdA was toen nog geloofwaardig. Daarna ging het bergafwaarts.

Kapperszoon en ex-Novib-directeur Ad Melkert was minister van Sociale Zaken onder Kok en volgde hem in 2002 op als lijsttrekker. Hij trof het niet. Hij beschikte over weinig charisma, in de verkiezingsdebatten maakte de als een komeet opgekomen Pim Fortuijn gehakt van hem. De tot volksheld uitgegroeide Pim Fortuyn werd kort daarna vermoord. Algemeen werd aangenomen dat de demonisering van Fortuyn door politieke partijen daar mede de oorzaak van was. De PvdA had zijn steentje stevig bijgedragen. PvdA-coryfee Marcel van Dam noemde Fortuyn in een televisiedebat ‘een minderwaardig mens’.

De eerste scheuren tussen de traditionele achterban en de PvdA werden omstreeks die tijd zichtbaar. Na Melkert traden achtereenvolgens Wouter Bos, Job Cohen en Diederik Samsom op als partijleider van de PvdA. Geen van hen slaagde er in om de harten van de traditionele achterban uit de volksbuurten te winnen. De benoeming van Ahmed Aboutaleb als burgemeester van Rotterdam werd er door de partij tegen de zin van veel Rotterdammers doorgedrukt en het aantal allochtonen in de fractie en andere politieke organen steeg gestaag.

De PvdA zou geprezen kunnen worden voor haar serieuze pogingen om het allochtone volksdeel te emanciperen en dat door beleid en politieke benoemingen zichtbaar te maken. Het leverde haar veel allochtone kiezers, maar ook veel problemen op. In het land werd steeds vaker gesproken over de Partij van de Allochtonen of de Partij van Allah. De keuze voor de emancipatie van allochtonen ging ten koste van de traditionele kiezers uit stadswijken die te maken kregen met de keerzijde van de instroom van Turken en Marokkanen en zich uit hun buurten verdreven voelden. In hun verzet en kritiek kregen ze ook nog eens te maken met negatieve framing. Ze waren xenofoob, spraken vanuit hun onderbuik of waren racistisch. De opkomst van de uit Amerika overgewaaide politieke correctheid is zeker mede aan de PvdA te wijten.

Met de Provinciale verkiezingen van 2015 in het vooruitzicht zien de polls er voor de PvdA dramatisch uit. Tegelijkertijd groeit bij vriend en vijand het besef dat het integratiebeleid faliekant is mislukt en dat daarmee ook het beleid waarmee de PvdA zich hartstochtelijk mee geprofileerd heeft op een royale mislukking is uitgedraaid. Partijleden met een islamitische achtergrond zijn niet altijd even betrouwbaar gebleken en in de toppen van de partij zitten islamisten als Marcouch en Sidali die met hun adviezen de partij regelmatig de verkeerde richting hebben uitgestuurd. De islamitische agenda is bij hen dominant gebleken terwijl ze de sociaal democraten naar de mond spraken.

Terwijl Spekman zich het vuur uit de sloffen loopt, Samsom langzaam afbrandt en de partij op een historische verkiezingsnederlaag afstevent, scharen de weggelopen kiezers zich voor een belangrijk deel achter de PVV van Wilders die het anti-islamstokje van de vermoorde Fortuyn heeft overgenomen.

Al die kiezers wilden aanvankelijk niets anders dan wat de PvdA voorstond: integratie. Maar ze hadden veel eerder door dat met de weg die de PvdA voorstond het niet zou lukken. Het werd te veel ruimte voor de islam en te weinig aandacht voor integratie. Het werd te veel Cohen en te weinig Spekman.

Er is een weg die de PvdA kan gaan om op de lange duur haar positie, mogelijk wat bescheidener, te heroveren. Die weg zou moeten beginnen met de nederige erkenning dat het door haar voorgestane beleid als mislukt moet worden beschouwd. Ze zou moeten vaststellen dat de Islam voortaan geheel op zichzelf is aangewezen en dat ze voluit voor integratie gaat als belangrijkste agendapunt voor de komende jaren.

Ik zie het de partij nog niet doen. Het zal wel een halfzachte en weinig geloofwaardige wending worden. Spekman kan zich nog zo het vuur uit de sloffen lopen, maar een belangrijk deel van de partij zal hem niet echt volgen. Ontwikkelingen gaan van begrafenis tot begrafenis zei een belangrijk man eens. Er moet nog heel wat politieke correctheid worden begraven en ondertussen zou het wel eens de Partij van de Allochtonen kunnen worden.



woensdag 26 november 2014

De dubbele agenda van de strijd tegen Islamofobie

                                                                           


De Islam heeft een imago-probleem. Sinds de aanval op de Twin-Towers raken steeds meer mensen zich bewust van de kanten van de Islam die tot dan toe niet tot het grote publiek waren doorgedrongen. Moslimse voorlieden die nog beweren dat ‘Islam’ vrede betekent, worden nog maar zelden geloofd. Terreuracties, terreurgroepen, het vervolgen van andere religies in nagenoeg alle islamitische landen, het zwijgen opleggen aan mensen die zich voor de vrijheid van meningsuiting inzetten, agressie, virulent antisemitisme, homo's pesten en aan moslims toegeschreven criminaliteit scheppen wereldwijd een beeld van de Islam dat steeds minder sympathie ontmoet.

Negatief imago

Het negatieve imago van de Islam is ook van invloed op de bejegening van moslims in het Westen. Die is kritisch en richt zich vooral op moslims die zich in de media uitspreken. Die ontmoeten weinig vertrouwen, scepticisme en soms weerzin. Ook de gewone moslim ervaart dit in zijn dagelijks leven in de vorm van toenemende afstand in het sociale verkeer. Emcemo-voorzitter en beroepsmoslim  A. Benebhi bracht dat als volgt onder woorden: “Volgens Menebhi geven de ISIS-aanhangers met hun uitspraken en hun sympathie voor extremisten voeding aan politici als Wilders. "Wat deze kleine extreme groep vooral bereikt is dat de Nederlandse bevolking bang wordt voor moslims en dat moslims nog meer zullen worden buitengesloten."  
Lijkt me flauwekul. Angst voor de Islam lijkt me terecht gezien allerlei teksten in de koran. Dat betekent nog bepaald niet dat je bang hoeft te zijn voor moslims. Vooral niet voor degenen die laten merken dat ze zouden willen dat 'Islam' wél vrede zou moeten betekenen.

Tegenbeweging

Vanuit de Islam is een tegenbeweging gestart onder de naam van ‘bestrijding vanislamofobie’. Die kwaal zal nog maar zelden als hersenschim in psychiatrische dossiers zijn geboekstaafd, maar vanuit de Islam wordt die wereldwijd bestreden. Europa heeft zich in overeenkomsten met het OIC (Organization Islamic Conference) verplicht om de Islam positief in beeld te brengen. Daar is veel subsidie voor beschikbaar en een deel daarvan stroomt naar de bestrijding van islamofobie. Er is zelfs een in drie talen verschenen boek geschreven door Ineke van der Valk waarin betoogd wordt dat islamofobie een vorm van racisme is. Het voorwoord is nota bene van Hirsch Ballin. 

De term is eigenlijk een weerstand opwekkende drager voor de strijd tegen de discriminatie die moslims vanwege hun religie zouden ondervinden.  Bestrijding van islamofobie zou je als logische stap niet verwachten.  Je zou verwachten dat Nederlands-Islamitische organisaties er alles aan zouden doen om vol de strijd aan te gaan met alles waarmee de Islam en moslims weerzin opwekken. Dat ze de Islam zouden omvormen tot een religie die in het Europese landschap van godsdienstvrede zou passen door afstand te doen van de kernzin uit de Koran (en alles wat daar uit volgt):

-"Strijdt tegen hen tot de afgodendienst niet meer bestaat en de religie geheel aan Allah behoort." [2:193, herhaald in 8:39].

Verkeerde aanpak

Of dat ze er alles aan zouden doen om de thuislandcultuur van veel moslims die een succesvolle ontwikkeling en integratie in de Nederlandse samenleving belemmeren, aan te pakken.
Vanuit de Islam doet men niet (of mondjesmaat voor de Bühne) wat je zou verwachten om de problemen die moslims ervaren op te lossen. In plaats daarvan leggen ze het probleem buiten eigen kring en met name bij al degenen die volgens het recept van de Islam aan ‘islamofobie’ lijden.
De Islam is in dit verband te zien als een voortdenderende trein die stoplichten en onbeveiligde overgangen negeert in haar vastbeslotenheid de Nederlandse samenleving aan te vallen vanwege haar ziekelijke afwijzing van de Islam. Het instituut Emcemo dat de nodige subsidie ontvangt is al geruime tijd bezig islamofobie onder de aandacht te brengen en heeft recentelijk een trits cursussen opgezet rond de bestrijding van islamofobie. 
Ik zie het als een vorm van verbale jihad.

Handige propaganda

Wie de teksten op haar website bezoekt, ziet al gauw de handigheid waarmee het eigen probleem verstopt is tussen allerlei termen die voor overheidsbesturen acceptabel zijn. Ze strijdt tegen discriminatie, radicalisering, antisemitisme, racisme en homofobie. Ze netwerkt zich in de rondte om dat aan de man te brengen. Heel handig koppelt ze haar eigen wagon aan dat soort termen om onder de bescherming daarvan de eigen agenda uit te voeren en het bestuur van de trein over te nemen.
Als de in Nederland bestaande islamitische organisaties het werkelijk menens is met de bestrijding van het antisemitisme, de homofobie en de vrouwonvriendelijkheid die vooral onder moslims voorkomt, zouden we daar al lang iets van gezien en gemerkt hebben. Tot nu toe waren het vooral loze woorden.

Dubbele agenda

Inmiddels is Ahmed Marcouch, lid van de Tweede Kamer en bevriend met het Marokkaanse Emcemo op dezelfde trein gestapt en liet dinsdag 25 november 2014 via nu.nl weten dat discriminatie veel zwaarder moet worden gestraft. Nu.nl meldde: Als het aan de sociaaldemocraat ligt, worden discriminatie en racisme zogeheten high impact crimes. Dergelijke misdrijven vallen onder het topprioriteitenbeleid van minister Ivo Opstelten. "Zeker nu dit soort laffe uitingen via de sociale media zo breed verspreid worden, kunnen we wel spreken van high impact crimes. De impact van racisme en discriminatie op het slachtoffer is net zo heftig als de impact van een overval of een inbraak."

Het kan als toeval worden gezien dat Marcouch met zo’n tekst komt op het moment dat Emcemo net bezig is met anti-islamofobiecursussen en er in Rotterdam  een onderzoek start naar islamofobie
Ik zie het als knappe propaganda, maar voor de verkeerde zaak. Islamofobie is niet de kwaal, dat is de Islam en het duidelijke onvermogen (laat staan onwil) om de beduchtheid voor de islam te vertalen in een aanpak die de redenen voor die beduchtheid wegneemt. 

Zieke patient

De Islam is een zieke patiënt die aan een gevaarlijk virus lijdt en toch wil dat iedereen hem een hand geeft. Wie die hand weigert moet worden vervolgd. Die lijdt aan islamofobie. Islamofobie is een vorm van racisme die volgens de Islamitische organisaties in Nederland en volgens Ahmed Marcouch heftig moet worden bestreden. Het gezonde verstand dat de Islam in zijn huidige vorm niet accepteert, moet gezien worden als een gevaar voor de samenleving.  Het gedram daarover beschouw ik als een gevaar voor de geestelijke gezondheid in Nederland. Mensen die niet gek zijn, gek verklaren,  zou in een gezonde democratie niet moeten kunnen.