Posts tonen met het label Paul Scheffer. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Paul Scheffer. Alle posts tonen

vrijdag 24 oktober 2014

Politieke correctheid is het kwaad van deze tijd

                                                                       
“I believe that political correctness can be a form of linguistic fascism, and it sends shivers down the spine of my generation who went to war against fascism”  P. D. James

Kun je de obesitasepidemie verklaren uit het gebrek aan commentaar uit de sociale omgeving van dikke mensen? Het is weer eens een andere invalshoek dan de oorzaak zoeken bij armoede of bij gemaks- en troostvoedsel. Dat zijn wellicht gemakzuchtige verklaringen die de werkelijke oorzaak verhullen. Het is denk ik vooral de angst om iets te zeggen  dat onaardig wordt gevonden die veel mensen ervan weerhoudt om de juiste feedback te geven. Zelf heb ik niet zo’n moeite om mijn te dik wordende vrienden met een vinger in de buik te porren en gelijktijdige de vraag te stellen: ‘wordt dat niet wat te veel, man?”. Bij vrouwen en kinderen laat ik dat na. De zieligheidsreflex bezorgt mij ook een drempel. Het is niet aardig om zoiets te zeggen en ik wil niet onaardig worden gevonden. 

De meeste dikkerds zijn zelf de bron van hun zieligheid. Bij goedbedoelde opmerkingen exploiteren ze hun ongemak door op hun omgeving een beroep te doen om de opmerking als ‘zoiets zeg je niet’ onschadelijk te maken en degene die de opmerking maakte een schuldgevoel te bezorgen. Het is dan ook de exploitatie van slachtofferschap die ‘politieke correctheid’ te weeg brengt en de ‘olifant in de kamer’ onbenoemd laat. Het slachtoffer exploiteert vaardig de angst bij anderen om onaardig gevonden te worden en biedt de politiek correcte medemens de mogelijkheid om als fatsoensrakker  incorrectheid te straffen. Het is een pyrrusoverwinning voor de dikkerd. Het sociaal ongemak dat hij in zijn omgeving veroorzaakt leidt er toe dat steeds meer mensen hem zullen mijden. Alleen de fatsoensrakkers profiteren. Hun levensspel om te domineren door anderen van onfatsoen te beschuldigen, maakt ieder probleem groter omdat datgene wat gezegd moet worden ongezegd blijft.

Niemand wil de ‘zwarte piet’ krijgen en dat speelt ook een rol in de discussie die Quincy Gario heeft aangezwengeld. Het had anders kunnen lopen als zijn omgeving op tijd zou hebben ingegrepen. Bijvoorbeeld door hem er op te wijzen dat hij het archetype van Zwarte Piet assertiever had kunnen gebruiken door, zwart geschminkt en verkleed, met de roe te zwaaien en iedere discriminerende Nederlander te verzekeren dat hij in de zak zal worden afgevoerd naar Spanje. Quincy Gario kon echter onder de hoede van fatsoensrakkers de projectie van het slavenverleden op een onschuldig archetype exploiteren. Fatsoensrakkers verhinderden dat hem de waarheid werd gezegd en veroordelen degenen die dat wel doen.

René Cuperus werd in zijn column (VK 20-10-2014) helemaal ongelukkig van het gedoe en voorspelt dat het hele Sinterklaasfeest besmeurd raakt en wel ten gronde zal gaan. Intussen wijst hij er fijntjes op dat het om een symbooldiscussie gaat die eigenlijk de spelregels van het toekomstig samenleven in Nederland als onderwerp heeft. Dat is precies het onderwerp dat fatsoensrakkers vermijden. Hun interventie dient eigen glorie en de korte termijn en verhindert de broodnodige kritische discussie en feedback. Zoals een dikkerd zijn ongemak exploiteert, exploiteren fatsoensrakkers diens slachtofferschap. Het levert een ongezonde symbiose op tussen slachtoffers en hun redders met het opgeheven vingertje.

De spelregels van de toekomstige samenleving zijn eigenlijk ook het onderwerp bij de Fransman Eric Zemmour, aan wiens boek: “Le suicide de Français” het programma Nieuwsuur (19-10-2014) aandacht besteedde. Het is zijn verwijt dat de Fransen het aan zichzelf hebben te danken dat hun samenleving instort als gevolg van de onbeperkte instroom van migranten met een andere cultuur. Hij is te vergelijken met de ooit gerespecteerde Duitse econoom Thilo Sarrazin die na zijn boek: ‘Deutschland schafft sich ab’ uit weldenkend Duitsland verbannen werd (. Het is gemakkelijk te voorspellen dat Eric Zemmour, ondanks de grote oplagen waarmee zijn boek verkocht wordt, eenzelfde lot wacht. Wat hij zegt is niet aardig voor migranten en dat biedt fatsoensrakkers weer een uitgelezen kans om met hun opgeheven vingertjes angst en schuldgevoelens op te roepen bij degenen die het zich, vanwege de risico’s, niet kunnen permitteren om als ‘politiek incorrect’ veroordeeld te worden. Vraag bijvoorbeeld Paul Scheffer maar hoe het hem vergaan is na de publicatie van zijn ‘Het multiculturele drama’.

Politieke correctheid is effectiever dan de retorische donderpreken die vroeger vanaf de kansels over het kerkpubliek werden geranseld. De donderprekers riepen de individuele mens ter verantwoording. Iedereen kon het zich aantrekken. Fatsoensrakkers zijn echter de kerkgangers die met het vingertje naar anderen wijzen om zelf beter te lijken. Politieke correctheid is het kwaad van deze tijd. Kamers puilen uit van de olifanten, terwijl allerlei maatschappelijke problematiek ongehinderd blijft groeien.

Het benoemen van maatschappelijke problematiek is een risico geworden. Ik lees het iedere morgen tussen de regels in mijn krant die steeds grijzer wordt. Kolen en geiten worden gespaard, dat is het veiligst.

nb: eerder gepubliceerd op The Post online


  

zondag 12 oktober 2014

Naast Wilders staan miljoenen Nederlanders in het verdachtenbankje

                                                                         
Politieke correctheid wordt een masker voor wat men werkelijk denkt
                                                                             

In de weekendkranten van de NRC en Volkskrant (11 en 12 oktober 2014) was er brede aandacht voor het voornemen van het OM om Wilders te vervolgen voor zijn vraag of men meer of minder Marokkanen wilde. Het publiek brulde massaal ‘minder’ en half Nederland werd daardoor met afschuw vervuld. De andere helft van Nederland heeft waarschijnlijk gedacht: ‘prima, als dat zou kunnen’. Ze zijn gelijk met Wilders als verdachten aan te merken. Ik maak er geen geheim van dat ik bij die laatste helft hoor, al zou ik het graag verfijnen tot ‘gedrag van een groot aantal Marokkanen en radicale moslims’.

De kranten met bijdragen van o.a. Paul Scheffer (NRC) en Kustaw Bessems (VK) geven er ook in hun hoofdartikelen blijk van een vervolging van Wilders niet verstandig te achten. Een min of meer eenzame uitzondering is socioloog Herman Vuijsje die onder de titel: ‘Waarom je Wilders dus niet kunt laten lopen’,  om begrenzing van de discussie en strikte toepassing van de bestaande wetgeving vraagt.

Herman Vuijsje kan in dit verband worden gezien als een apostel van het politiek correcte denken dat in de Nederlandse samenleving andere dan politiek correcte opvattingen verdacht maakt. Vuijsje kan daarbij gezien worden als vertegenwoordiger van een stroming die, behept met een holocausttrauma , al snel in een alarmistische houding schiet en bij wijze van spreken de W.A. alweer door de straten ziet marcheren zodra Wilders weer eens iets provocerends zegt. Het is een vorm van projectie die ongezonde trekjes heeft en ook oproept wat men bestrijden wil. Faoud Sidali, hoofdbestuurslid van de PvdA speelde recent handig in op die angst door te twitteren: ‘Hitler is onder ons. In de gedaante van Wilders’.  Sidali exploiteerde die angst om de discussie over de gebrekkige integratie en normovertredingen van Marokkanen in de kiem te smoren.

Gustaw Bessems verwijst in zijn artikel zijn persoonlijke betrokkenheid bij het holocaustdrama, maar komt met zijn pleidooi voor het afschudden van de angst en zijn oproep tot vertrouwen in de samenleving tot de conclusie dat de discussie buiten de rechtszaal dient te worden gevoerd. Volgens Bessems komt het publieke debat juist goed op gang. Ik heb gerede twijfel of die waarneming juist is. Uit Engeland komen berichten over moslims-gerelateerde wantoestanden die konden ontstaan en groeien omdat in toezichthoudende organen er angst bestond om bij ingrijpen beschuldigd te worden van discriminerend of racistisch gedrag. Die angst bestaat in Nederland ook volop, maar is nog onvoldoende benoemd. Die angst is de vrucht van de oproepers van politieke correctheid waarvan de ‘Vuijsjes en Sidali’s’,  ieder om eigen redenen, de apostelen van zijn.

De angst om veroordeeld te worden vanwege onvoldoende politieke correctheid zit diep en heeft zich ontwikkeld tot een autonoom correctiemechanisme. Alfawetenschappers, journalisten, beleidsmakers en anderen zijn opgesloten in een mentale kooi die een open discussie belemmert. Wie kennis wil nemen van politiek niet correcte informatie, is aangewezen op ‘verdachte’ bronnen en ‘verdachte’ opiniemakers.

Het door de ‘Vuijsjes en Sidali’s’ bevorderde politiek correct denken, heeft geleid tot polarisatie binnen de samenleving die een open discussie bemoeilijkt. In zo’n klimaat kunnen pressiegroepen hun slag slaan omdat de angst van discriminatie of racisme te worden beschuldigd tot zwijgen leidt waar spreken nodig is.

Politieke correctheid beschouw ik als een afgeleide van totalitair denken waarin om opportunistische redenen correcte waarden gecorrumpeerd worden en mensen ten onrechte verdacht worden gemaakt. De vrijheid van meningsuiting is het belangrijkste slachtoffer, terwijl het bij een juiste verdediging onze redding is.

Een toch echt niet domme moslim probeerde me er recent van te overtuigen dat de wereldeconomie in handen is van vijf grote joodse families die onmetelijk rijk zijn en oorlogen initiëren om wapens af te kunnen zetten. Herman Vuijsje zou zich daar beter zorgen om kunnen maken en … om Faoud Sidali.

Peter Louter