Posts tonen met het label tribalisme. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tribalisme. Alle posts tonen

dinsdag 21 november 2017

Hoofdoek wijst op fundamentalisme


Ze heet Sarah Izat. Ze is aan het afstuderen voor haar master ‘European Union and International Law’. Ze wil Buitengewoon Opsporings Ambtenaar (BOA) worden. Omdat ze in die functie geen hoofddoek kan dragen heeft ze bij de Commissie Rechten van de Mens een zaak aanhangig gemaakt wegens discriminatie. De commissie heeft haar gedeeltelijk in het gelijk gesteld, de overheid discrimineert.

Een slimme meid zou je denken. Gedisciplineerd ook, want werken en afstuderen gaat niet zo gemakkelijk samen. Inmiddels is duidelijk geworden dat het niet zo maar een individuele actie is van deze dame. Carl Brendel heeft aangetoond dat er een hele organisatie achter zit en er subsidie voor is verkregen.

Werkgevers mogen hun personeel verbieden een hoofddoek of een ander religieus symbool te dragen. Dat heeft het Europees Hof van Justitie in maart 2017 bepaald. De landelijke politie kent een dergelijk verbod dat beantwoordt aan de criteria die het Europese Hof van Justitie bij het verbod heeft gesteld. In feite vecht ze samen met haar achterban deze uitspraak aan.

Izat provoceert. Ze beklaagt zich omdat ze op een bijeenkomst eens weggestuurd werd omdat ze daar in uniform en hoofddoek (hijab) verscheen, terwijl ze wist wat het tegen het beleid was. Ze heeft ook politieke motieven. Ze is ook betrokken bij de Rotterdamse islampartij NIDA, die twee zetels in de Rotterdamse gemeenteraad heeft. Daarover zwijgt ze.

Ze zegt in het interview in de Volkskrant (09112017) uit de anonimiteit te zijn gestapt “omdat ik de samenleving mijn kant van het verhaal schuldig ben en de dialoog wil aangaan”. In Trouw van 20 november 2017 zegt ze dat mensen niet bang hoeven te zijn dat ze als agente meer loyaal aan de islam en Koran zal zijn dan aan de grondwet. “Ze denken dat die niet samengaan. Maar in mij is alles verenigd”. Alsof dat kan.
Izat is er in ieder geval in geslaagd om brede publiciteit te krijgen voor haar strijd. In haar opzet is ze nog niet geslaagd. De nieuwe Minister Grapperhaus die over de politie gaat heeft laten weten dat het beleid niet zal veranderen. Daarmee vertolkt hij in ieder geval de wens die breed in de samenleving leeft. Of zijn besluit lang mee gaat moeten we echter nog maar af wachten.

Is een hoofdoek een onschuldig lapje stof? Hoogleraar Sociologie in Berlijn, Ruud Koopmans heeft het breed onderzocht en vastgesteld 'Als tolerante Nederlanders zijn we geneigd te denken dat de sluier een onschuldig lapje stof is. Dat klopt niet. 55 procent van de stellen waarvan de vrouw een hoofddoek draagt, is fundamentalistisch'. Is hijabdraagster Izat (er zijn bijna geen hoofddoeken meer te zien) fundamentalistisch, net zo als 55 procent van de hoofddoekdraagsters? Ze heeft de twijfel daarover niet weggenomen. Ze is betrokken bij de Rotterdamse islamitische partij NIDA, die twee zetels in de gemeenteraad heeft. Maar vooral het speurwerk van Carl Brendel laat zien dat een brede coalitie van islamitische instituties onderdeel is van de actie van Izat. De hoofdoek is voor de islam een middel om de islam zichtbaar te maken in de samenleving. Er wordt dan ook naar gestreefd om dat overal in alle arbeidsplaatsen zichtbaar te maken. De politie is tot nu toe een van de bolwerken waarin dat niet mogelijk is.

De islam moedigt vrouwen aan om een hoofddoek te dragen. In de eigen uitleg vertaalt de islam de jaloezie van Mohammed naar de wil van Allah. “Vrouwen dragen een hoofddoek enkel en alleen voor Allah, omdat Hij het wil. Hierdoor wordt het dragen van een hoofddoek een vorm van aanbidding, omdat je het voor Allah doet. Een vrouw met een hoofddoek die hiervan bewust is, verricht als het ware de hele dag aanbidding. Iedere seconde dat ze haar hoofddoek draagt, wordt toegeschreven alsof ze aanbidding verricht. Dit is een grote gunst die Allah aan de vrouwen heeft geschonken. Het ervaren van een kleine moeite op deze wereld door het dragen van een hoofddoek, zal in het hiernamaals resulteren in een grote beloning.”

Zie je het al voor je. Een gehoofddoekte agente die  als het ware de hele dag Allah aanbidt. Dat is nog niet het ergste. Bij een fundamentalistische agente als Izat mag je er van uitgaan dat ze de hijab draagt omdat de koran daar om zou vragen. Dan mag je ook aannemen dat ze ook alle minder aardige verzen uit de koran serieus neemt. Het kernvers van de koran is: ‘Strijdt tot de religie van Allah is’. De hele koran is daar als het ware om heen gebouwd. De koran bevat het actieplan om de wereld aan de voeten van Allah te leggen en geweld wordt daarbij niet geschuwd. In een blog (Het kernthema van de islam: “strijdt tot de wereld van Allah is”, wordt onvoldoende weersproken) heb ik me al eens eerder afgevraagd waarom onze overheid dat doel van de islam niet serieus als  gevaar ziet. In dat blog heb ik ook een aantal minder aardige verzen uit de koran opgenomen.

Er is ook reden om verzet te plegen tegen het aannemen van moslims en moslima’s in functies met beslissingsbevoegdheden. Het schandaal over het Amsterdamse deradicaliseringsproject en corrupte moslimagenten vormen een aanwijzing dat de tribale cultuur van moslims niet te verenigen is met de Nederlandse cultuur.
Links Nederland solidariseert zich al lang niet meer zoals vanouds met mensen met een modaal inkomen of minder dan dat. Dat het links zou gaan om het delen van macht, kennis en inkomen, kan niet meer worden waargemaakt. Links solidariseert zich met minderheidsgroepen, keert zich tegen het nauwelijks bestaande racisme alsof dat een enorm probleem is en steunt de islam bij het verkrijgen van steeds meer macht. Links bevordert het fundamentalisme en heeft lak aan de overgrote meerderheid van de bevolking die de islam wel degelijk en terecht als een gevaar ziet.








dinsdag 27 oktober 2015

De Europese godsdienstvrede en de islam

                                                                   
De Unie van Utrecht dwong de vrijheid van godsdienst af
    


Het begin van de Europese godsdienstvrede kan nauwkeurig worden bepaald. Het was een reactie op de Unie van Atrecht (6 januari 1578) waarin de Spaanse landvoogd met de Zuidelijke Nederlanden overeenkwam dat de katholieke godsdienst de enige godsdienst was en dat iedere andere godsdienst verboden was.  In de Noordelijke Nederlanden was de reformatie al op gang gekomen. Eerder waren de Nederlandse gewesten in de Pacificatie van Gent al overeengekomen om een oplossing te zoeken voor het naast elkaar bestaan van religies en werden de wetten op ketterij afgeschaft.

De Noordelijke Nederlandse gewesten voelden zich geschoffeerd door de ‘Unie van Atrecht’ (1578) en reageerden met de ‘Unie van Utrecht’ die op 29 januari 1579 in de Dom van Utrecht werd ondertekend. Aanvankelijk ondertekenden enkel de gewesten Holland, Zeeland, Utrecht, Gelre en de Groningse Ommelanden de Unie van Utrecht. In de loop van 1579 sloten ook het gewest Overijssel, Landschap Drenthe en Heerlijkheid Friesland en de steden Antwerpen, Breda, Brugge, Brussel, Doornik en Valencijn, Groningen, Ieper, Lier en Venlo zich bij de Unie aan. De voor godsdienstvrede belangrijke bepaling luidde: “persoonlijke vrijheid van godsdienst in Holland en Zeeland; in andere steden en gewesten vrijheid om eigen beleid op het gebied van godsdienst te voeren”.

29 januari 1579 was een begin
Je zou kunnen zeggen dat de Noord-Nederlandse poldermentaliteit en de beginnende Verlichting de ouders waren van de godsdienstvrijheid. De poldermentaliteit zorgde voor nieuwe eenheid in verscheidenheid en de aanstormende verlichting verbrak het primaat van religie over wereldse zaken. Toch zou het nog tot 1795 duren voor de logische consequentie van de vrijheid van godsdienst onder invloed van de Franse revolutie er in de vorm van een officiële scheiding van kerk en staat tot stand kwam.
De ‘Unie van Utrecht’ was een mosterdzaadje voor de godsdienstvrede dat behoedzaam gekoesterd en traag zijn weg vond naar het gehele Europese continent en per land uiteindelijk  in wetten werd vastgelegd. Godsdienstvrijheid betekende dat iedere religie bestaansrecht had en dat ieder individu het recht had om zijn eigen godsdienst te kiezen of te verlaten. De dominantie van één enkele godsdienst was daarmee verbroken.  Nederland kreeg nog wel te maken met een staatsgodsdienst die andere religies tolereerde, maar bij de nieuwe grondwet van Thorbecke in 1848 werden alle religies gelijk gesteld en kon iedereen beroep doen op de grondwet.

Polderende religies in Nederland
Ook religies moesten wennen aan het idee van godsdienstvrijheid en het heeft lang geduurd voordat er zich een verstandhouding ontwikkelde die afspraken mogelijk maakten. Nog steeds zijn er protestantse dominees te vinden die hel en verdoemenis preken over ‘paapse toestanden’.  Ondertussen hadden de wat meer praktisch ingestelden al lang afspraken gemaakt over netelige kwesties. Bijvoorbeeld over gemengde huwelijken die op familieniveau tot ernstige problemen konden leiden. De praktische onderlinge afspraak tussen religies was dat in een gemengd huwelijk de kinderen zouden worden opgevoed in de religie van de vrouw. Binnenlandse missie om gelovigen van andere religies te verleiden om tot de eigen religie toe te treden werd als ongewenste concurrentie gezien. Inmiddels zijn we al weer veel verder. De Oecumene brengt religies steeds dichter bij elkaar in een sfeer waarin wat verbindt belangrijker is dan wat scheidt. Vrede op zijn best.

En nu de islam nog
De islam is er in haar periode van ‘splendid isolation’ in geslaagd om de Europese ontwikkelingen buiten de deur te houden. Ze treedt nu Europa binnen vanuit een geheel andere geschiedenis en als gevolg daarvan ook totaal andere opvattingen. De islam past niet in de Europese godsdienstvrede. Ze doet wel beroep op de zwaarbevochten ‘vrijheid van godsdienst’ om haar eigen onveranderde religie een plaats tussen de Europese religies te geven. Zonder bereid te zijn tot ook maar enige aanpassing van de eigen religie, staat de islam in Europa op het standpunt dat ze andere religies respecteert, maar niet deel wenst te nemen aan de in Europa geldende godsdienstvrede. Er is ook niets wat haar dwingt dat wel te doen. De islam is geen voorstander van de scheiding van kerk en staat. Ze zou een Europese godsdienst kunnen zijn als ze dat wel was en afzag van binnenlandse missie, als ze bij gemengde huwelijken toestaat dat de daaruit voortkomende kinderen in de religie van de vrouw worden opgevoed, ze zou andere religies als volkomen gelijkwaardig zien en haar gelovigen toestaan om uit de islam te treden of naar een andere religie over te gaan.

Aan Oecumene doet de islam niet. In het handboek voor Europese islamisten ( Westerse moslims en de toekomst van de islam) schrijft Tariq Ramadan dat moslims wel deel kunnen nemen aan interreligieuze gesprekken maar dat ze daarin de eigen waarheid moeten uitdragen en naar respect voor en aanvaarding van hun standpunt moeten zoeken (pagina 261-266). Elders in het boek roept hij op om de Westerse waarden en normen te vervangen door islamitische waarden en normen omdat het Westerse systeem ‘haram’ is (bijvoorbeeld pagina 255). De islam heeft haar eigen mosterdzaadje in Europa geplant en laat er geen misverstand over bestaan dat ze dat stevig wil laten groeien.

Godsdienstoorlog op komst?
Bassam Tibi, de in Nederland nog weinig bekende schrijver over de politiek van de islam, komt na zijn analyses tot een belangrijke vraag: wordt Europa islamitisch of de islam Europees?  Hij beantwoordt de vraag niet. Dat kan ook niet. Niemand weet hoe het af zal lopen. Ik ben minder voorzichtig. Mijn stelling is dat als er niets verandert Europa gaandeweg islamitisch zal worden. Ik baseer dat op de waarneming dat overal waar de islam in de geschiedenis voet aan de grond heeft gekregen de cultuur werd geïslamiseerd en daarmee de machtsverhoudingen. Het Midden-Oosten en Noord-Afrika zijn op dit ogenblik het toneel van godsdienstoorlogen. Terwijl Saoedi-Arabië de strenge salafistische  islam naar Europa exporteert, zijn de islamitische landen het toneel waar islamisten een theocratie willen installeren en dictators (als eerder Sadam Hussein) die dat trachten te voorkomen. Met de komst van islamitische migranten en vluchtelingen komt ook een deel van de spanningen uit dat gebied binnen. Daarnaast komt echter ook de banier binnen waaronder alle moslims, ondanks hun tegenstellingen, zich scharen binnen: een religie die de wil heeft om te domineren. In Nederland is de appreciatie van de islam na 9/11 en de opkomst van de korangetrouwe IS niet groot meer. Ook het vertrouwen in moslims die zich distantiëren onder het motto ‘niet mijn islam’,  genieten weinig vertrouwen. Regelmatige peilingen die uitwijzen dat onder de Europese moslims de aanhang  voor IS onverwacht groot is, dragen daar aan bij.

De spanningen tussen moslims en de Europese bevolking zal in de toekomst alleen maar blijven toenemen. De integratie wordt tegengewerkt door de islam,  door de thuislanden en door de sociale controle die moslims op het gewenste spoor houdt. Moslims worden gestimuleerd andere dan economische deelname aan de samenleving te vermijden.  Op de lange duur kunnen de spanningen zo groot worden dat de bestaande tegenstellingen volledig aan het licht treden. Dat zal het moment kunnen zijn waarop de islam het ongeschreven verdrag (Ramadan: pagina 92) eenzijdig opzegt en een strijdende islam wordt zoals we die van elders kennen.
De tribale cultuur waaruit de islam voortkomt en die ze in zich opgenomen heeft maakt de islam sterker dan de Europese godsdiensten die maar weinig militante aanhangers kennen die bereid zijn om voor hun religie te vechten, laat staan de martelaarsdood te riskeren. Dit verschil verontrust de Europese bevolking. Europa kent geen tribalisme meer, al vanaf de veroveringen door Julius Cesar werd het tribalisme bestreden.  Kerk en adel hebben dat later voortgezet omdat de tribaal georganiseerde bevolking  geen ander gezag boven zich duldde.

Strijden voor Europese waarden en normen
Vroeg of laat zal Europa de strijd met de tribale islam moeten aangaan. Hoe eerder, hoe beter, want de strijd zal heviger worden naarmate die langer wordt uitgesteld. Een invalshoek is de rechten die de islam ontleent aan de vrijheid van godsdienst te ontnemen. Dat betreft onder meer de vrijheid om scholen te stichten, Moskeeën te bouwen en belastingaftrek voor giften aan islamitische instellingen.
Rechten ontlenen aan de vrijheid van godsdienst zou alleen toegankelijk mogen zijn voor religies die ten volle de normen en waarden waarop de vrijheid van godsdienst is gebaseerd onderschrijven en dat in de praktijk niet alleen met de mond belijden.
Bij deze invalshoek wordt de islam niet verboden, maar gezien haar leer uitgezonderd van de rechten waarop religies zich mogen beroepen. Pas als de islam in Europa zich hervormt en past binnen de Europese godsdienstvrede zouden die rechten haar weer kunnen worden toegekend.
Er is moed voor nodig om zo’n strijd aan te gaan. Het zou een strijd kunnen zijn die geïnitieerd wordt door de christelijke religies en door christelijke politieke partijen. Het zal geen eenzame strijd worden. Een groot deel van de bevolking zal zo’n strijd steunen en het is ook bepaald niet uit te sluiten dat een relevant deel van de moslims die strijd zal steunen omdat ze in vrede willen leven en met rust wil worden gelaten door de militante islam.

De godsdienstvrede heeft in Europa rust en vrede gebracht en godsdienstoorlogen uitgebannen. Het zou niet moeten rusten voordat ook de islam inziet dat dit in het belang is van moslims voor wie de islam thans nog een belemmering vormt om volledig geaccepteerd te worden.


Update
In België worden de hervormers tegengewerkt door hun orthodoxe moslim broeders
http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/binnenland/1.2551189





woensdag 8 oktober 2014

De getemde Moslima's

                                                                         

Nadat het geen exotisch verschijnsel meer was kreeg ik een hekel aan hoofdoekjes en het is nooit meer overgegaan. Maar je moet met die hekel wel voorzichtig omgaan. Laatst las ik over iemand die bij het vernieuwen van zijn rijbewijs aan de balie door zo’n hoofdoekje te woord werd gestaan. Hij uitte zijn misnoegen over die religieuze hoofdbedekking. De volgende dag bezorgde de postbode een brief van de gemeente waarin hij van discriminatie  werd beschuldigd en werd hem te verstaan gegeven dat bij herhaling hem de toegang tot het gemeentehuis zou worden ontzegd. Een mooi voorbeeld waar de vrijheid van meningsuiting in het gedrang komt als de Islam in beeld is. Moslims mogen bijvoorbeeld wel bezwaar maken tegen kerstbomen. Het gebeurde onder andere in de Deense stad Kokkedal waar de huurdersvereniging geen geld mocht uit trekken voor kerstversiering. Een voorbeeld hoe anderen de religieuze vrijheid ontzegd wordt die men voor zichzelf opeist. Merkwaardig genoeg had in dezelfde stad 91% van de bijstandsklanten, die beroep deden op een extra uitkering ter gelegenheid van kerstmis, een islamitische achtergrond. Dat zie ik als een typisch voor beeld van de opportunistische islamitische ethiek: het doel heiligt de middelen.

Bij ons bezoek dit jaar aan Parijs viel het ons op dat hoofdoekjes in het straatbeeld nagenoeg ontbraken. Het is  het gevolg van de Franse politiek om hoofddoekjes in publieke functies en in het onderwijs te verbieden. Het verbod geeft kennelijk ook werkgevers steun om dezelfde gedragslijn te volgen. Een van mijn moslimvrienden zal dat geweldig vinden. Een goede moslim dient juist niet op te vallen, is zijn mening.

Hoofddoekjes en ergere vormen van bedekking horen bij de wereldwijde opleving van de Islam sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw. Premier Erdogan van Turkije noemde ze de ‘vlaggen van de Islam’. Echt islamitisch is het niet. In de Koran is het slechts een aanbeveling voor de vrouwen van de Profeet. Moslima’s die roepen dat het van de Koran moet hebben het dus eigenlijk mis. Het zijn juist deze moslima’s die mijn weerzin tegen hoofddoekjes levend houden. Als ze zich verplicht voelen de Koran in alles na te leven zijn ze niet alleen vijanden van de democratie, maar ook van alle ongelovigen.

Moslima’s die roepen dat ze er in vrijheid voor hebben gekozen, vertrouw ik voor geen cent. Er zijn  landen, zoals Iran en Saoedi-Arabië waar het gewoon verplicht is en in heel wat andere islamitische landen steunt de publieke opinie  het. Heel wat moslima’s die er ‘in vrijheid’ voor hebben gekozen, zijn eigenlijk voor de druk uit hun omgeving en van hun vaders en broers bezweken. Het zijn de laffe moslima’s die voor bedekking kiezen en de dappere moslima’s die het nalaten. Die laten zich niet inschakelen voor de hoofddoekjesjihad.

Die dappere moslima’s zijn me lief. Ze kiezen voor de echte vrijheid. Ze steken hun middelvinger omhoog naar alle landen waar hun zussen min of meer verplicht zijn zich te bedekken. Ze steken hun middelvinger op naar alle sissers in Amsterdam-Oost, Amsterdam-West en andere plaatsen waar hun onbedekte zusjes bespuugd worden en voor hoer worden uitgemaakt.

Bedekte moslima’s zijn getemde vrouwen die voldoen aan de tribale cultuur die ze in alle opzichten achter stelt. Het religieuze sausje over die cultuur bedekt de mannelijke dominantie die de tribale cultuur eigen is.



woensdag 9 april 2014

Waan van de dag: Marokkaanse ouders moeten hun kinderen beter opvoeden

                                                     


Het debat over integratievraagstukken heeft weer een nieuwe mode opgeleverd. Marokkaanse ouders zouden meer aandacht moeten besteden aan de opvoeding van hun kinderen. Ahmed Marcouch, Marokkaan, ervaringsdeskundige, politicus en buitengewoon modegevoelig, heeft het idee al omarmd en in de media uitgevent. Met deze nieuwe beleidsmode krijgt het integratiedebat een nieuwe zondebok. Falende ouders zijn schuldig aan het onwenselijk gedrag van hun kinderen. Inmiddels is er uit de Marokkaanse gemeenschap een defensieve reactie gekomen: vergeet de opvoedkunst van de ouders, het ligt aan de Nederlandse samenleving die Marokkanen stigmatiseert, depriveert en discrimineert. Deze socialistische mantra uit Marokkaanse hoek, houdt het op de aloude zondebok: het zijn de Nederlanders, de Nederlandse samenleving, de Nederlandse bestuurders en de Nederlandse instituties die zich verwijtbaar gedragen en verantwoordelijk zijn voor de gevolgen. Paradoxaal genoeg wordt er tegelijkertijd vaak ook nog gewezen naar succesmodellen van Marokkanen die het wel hebben gemaakt. Overigens kunnen Marokkaanse ouders prima opvoeden. Hun dochters bewijzen dat. Jongens worden opgevoed voor een andere rol binnen de eigen cultuur dan de meisjes.


Zondebokken


Het voortdurend blijven aanwijzen van zondebokken kan worden gezien als een bewijs voor het feit dat het benoemen van de feitelijke kernproblematiek nog steeds wordt ontweken vanwege de daarop rustende taboes. De kernproblematiek is de slecht verlopende integratie die wordt veroorzaakt door de concurrentie van culturen.
Voor zover ouders al dan niet bewust bezig zijn met opvoeden en disciplineren, wordt hun handelen in belangrijke mate bepaald door de cultuur waarvan ze deel uitmaken. Opvoedingsidealen worden ontleend aan die cultuur. De opvoedingsidealen worden via sociale controle bewaakt vanuit de gemeenschappelijke cultuur. Cultuur wordt bepaald door mensen met gezag, reputatie, macht en charisma. Cultuur beoogt gedrag te genereren die in het belang is van de gemeenschap waarvan men deel uitmaakt. Meisjes worden in de collectivistische Marokkaanse cultuur opgevoed tot onderdanigheid. Jongens moeten assertief en fysiek of verbaal agressief zijn omdat de tribale cultuur dat vereist.


Tribale cultuur


Het opvoedingsgedrag van Marokkaanse ouders wordt bepaald door de tribale cultuur waarvan ze een onderdeel zijn en door de mate waarin sociale controle vat op ze heeft. Je zou die cultuur in grote lijnen kunnen beschrijven als de traditionele Marokkaanse islamitische cultuur die zich heeft verbijzonderd vanuit het streven om die cultuur te handhaven in een als concurrerend ervaren omgeving. Islamitische ouders krijgen vanuit hun sociale omgeving aangereikt dat de westerse cultuur verwerpelijk en vijandig is. Ze krijgen aangereikt dat Islam de oplossing is. Daar zit een zekere logica in. Als een groepscultuur niet voortdurend wordt bevestigd en bekrachtigd is die gedoemd om te verdwijnen. Kinderen die worden opgevoed binnen die cultuur zullen de neiging ontwikkelen om geen respect te hebben voor de concurrerende cultuur waar ze mee te maken krijgen.


Fysieke en verbale dominantie


Jongeren, opgevoed binnen de traditionele Marokkaanse cultuur zullen binnen die cultuur daar respect aan betonen en dat veel minder doen als ze participeren in een cultuur die hen niet eigen is. Ze worden opgevoed in een tribale cultuur waarin verbale en fysieke dominantie het ideaalbeeld is. Veel jongerengedrag is daaruit te verklaren. Hierdoor valt ook te verklaren waarom menige ouder van criminele jongeren vertelt dat het thuis zo’n lieve jongen is.


Aanpassers en niet-aanpassers


In ‘Respect’,  het intrigerende boek van Richard Sennet, wordt het voorbeeld gegeven van groepsculturen die zich na migratie aanpassen aan hun nieuwe culturele omgeving en groepen die dat niet doen (pagina 223-224). De ‘aanpassers’ lukt het prima om te integreren en komen gemiddeld op hetzelfde welvaartsniveau als de samenleving waarin ze terecht zijn gekomen. Bij de niet-aanpassers is een ander beeld te zien. Het vasthouden aan hun oorspronkelijke cultuur leidt tot maatschappelijke verpaupering en armoede.

Het leven in concurrentie met de cultuur van het land van wonen kan gemakkelijk leiden tot mislukking. Wie binnen de eigen cultuurgroep ‘bewijst’ geen respect te hebben voor de andere cultuur, kan binnen de eigen groep een hoge status krijgen. Jongeren zijn daarvoor vooral aangewezen op de eigen peergroep en op gedogen door hun sociale omgeving. Hun succes binnen de eigen groep leidt onafwendbaar tot mislukking als ze buiten de eigen cultuur moeten functioneren.


Islam als oplossing


De woordvoerders uit de Marokkaanse gemeenschap die de problemen wijten aan de Nederlandse samenleving kiezen in feite voor bestendiging van de Marokkaanse cultuur. Degenen die de ouders als zondebok kiezen, kiezen in feite voor een schijnoplossing. Een groot deel van de ouders die zich daardoor aangesproken voelen, krijgt binnen de eigen groep de boodschap dat de Islam de oplossing is. Dat zou geen probleem zijn als de Islam ingebed zou zijn in de Nederlandse cultuur en zich zou hebben aangepast zodat gelovigen kunnen voldoen aan de vereisten die slagen binnen de Nederlandse samenleving mogelijk maken.


Toenadering


Er is maar één oplossing voorhanden. Nederlandse bestuurders en beleidsmakers zullen vertegenwoordigers van de Marokkaanse gemeenschap er op dienen te wijzen dat, als ze het beste voor hebben met de gemeenschap die ze vertegenwoordigen, er vanuit de Marokkaanse cultuur er toenaderingen noodzakelijk zijn naar de Nederlandse samenlevingscultuur, waardoor beide niet meer als concurrerend worden ervaren.




donderdag 3 april 2014

De tribale connectie bij de integratieproblematiek

                                                                       
       

Politieke correctheid dwingt ons hen op de eerste plaats als Nederlanders te zien, terwijl landen van herkomst als Turkije en Marokko er alles aan doen om hen niet te laten vergeten dat ze op de eerste plaats Turks of Marokkaans zijn en verplichtingen hebben aan hun land van herkomst. Het is een van de complexe en nauwelijks op te lossen hindernissen die integratie in de weg staan.

Ook het moslim-zijn is zo’n hindernis. Tariq Ramadan, een van de belangrijkste ideologen als het gaat om in West-Europa levende moslims, pleit voor (economische) participatie in plaats van integratie en voor het behoud van de eigen islamitische cultuur. Het feit dat in de meeste gezinnen Nederlands de secundaire taal is, is daar een gevolg van.


Tribale cultuur


Er is nog een derde hindernis, een die maar zelden wordt genoemd. De tribale cultuur is het feitelijke cement dat de boel religieus en naar afkomst bij elkaar houdt. De problemen met allochtonen waar we in Nederland en andere West-Europese landen naar kijken, hebben te maken met de komst van bevolkingsgroepen met een gesloten cultuur in samenlevingen met een open cultuur. Het is een onderwerp dat sociologen over het hoofd zien. Het Amerikaanse model dat voorziet in een fasegewijze integratie in drie generaties, werkt niet als het om allochtone bevolkingsgroepen in West-Europa gaat. De vergissing is onder meer te vinden bij Leo en Jan Lucassen in hun boek ‘Winnaars en Verliezers’.  Zij menen (pagina 230) dat het soort obstakels dat ik noemde te klein is om het integratieproces op de lange duur wezenlijk te beïnvloeden. Als het op integratie aankomt verwijs ik ze graag naar de Indonesische Archipel waar een paar generaties moslims een groot deel van de bevolking wist te integreren in de Islam.


Balanced opposition


Het onderzoek naar culturen heeft lang in het verdomhoekje gezeten. Een volledige generatie van academici is opgevoed met de gedachte dat het onderzoek naar andere culturen dan de eigen cultuur zonder vooringenomenheid niet mogelijk was. Pas sinds een paar jaar begint deze opvatting te slijten. De Canadese antropoloog  Philip Salzman is een van de pioniers geweest bij het vinden van wegen om de politieke correctheid bij menswetenschappen te doorbreken. Zijn werk ‘Culture en conflict in the Middle East’, heeft de antropologie weer enig aanzien gegeven.

In zijn onderzoek naar hoe families, clans en stammen zich tot elkaar verhouden laat hij zien hoe de eigen regels en afspraken binnen een tribale cultuur zich handhaven in een door overheden geschapen wettelijke omgeving. De Arabisch georiënteerde tribale cultuur kan volgens Salzman worden gekarakteriseerd als een specifieke vorm van sociale controle die alles en iedereen beïnvloedt. De regels zijn geordend binnen een structuur van ‘balanced opposition’ die gebaseerd is op proportionele afschrikking, dreiging en vergelding (deterrence). Familie tegen familie, clan tegen clan en stam tegen stam met een collectieve verantwoordelijkheid van elk lid voor ieder ander afzonderlijk lid. De Islam vormt een super-stam. De veiligheid van ieder lid is gegarandeerd omdat hij beroep kan doen op zijn hele groep voor bijstand. Vooral de opvoeding van jongens is gericht op de dominantie van de eigen cultuur.


Wij-zij


Wie tribaal denkt, voelt en leeft en de sociale controle draagt daar sterk aan bij, ziet de autochtone Nederlander als lid van een andere stam. Die andere ‘stam’ krijgt te maken met de afschrikking, dreiging en vergelding en weet zich daar (te) weinig raad mee. De overheid speelt binnen de tribale cultuur een secundaire rol. Er wordt voorkeur gegeven aan de eigen regels. De overheid is een lastpost, wordt gedoogd en vooral gezien als bron van inkomen en voorzieningen voor de eigen groep.

Tribale cultuur en Islam versterken elkaar en scheppen een vorm van ‘balanced opposition’ met hun omgeving. Het voordeel van de eigen stam is als regel leidend en wanneer de Nederlandse ‘stam’ niet aan de wensen voldoet, volgt het repertoire van afschrikking, dreiging en vergelding. Het juiste antwoord daarop is nog steeds niet gevonden.

In de Deurnse kwestie zagen we een groep Marokkanen die voor hun ‘vermoorde’ clanleden, de overvallers van een juwelierszaak, opkwamen. Dat was een uit het oogpunt van tribale cultuur volstrekt logisch optreden. Je laat agressie zien en als de andere ‘stam’ geen afdoende maatregelen neemt, volgt er vergelding.

Jeugdige criminelen van allochtone herkomst zijn in feite niet meer dan het topje van de ijsberg van de problemen die de tribale cultuur veroorzaakt. Het benadelen van de andere ‘stam’ is binnen eigen kring bepaald geen taboe. Het zijn dan ook niet alleen de jongeren, maar ook de volwassenen die met fraude, bedrog de verkeerde lijstjes aanvoeren en in eigen kring bescherming vinden.


Polarisatie


Wilders en zijn PVV kunnen worden gezien als de opkomst van een verkeerde ontwikkeling in de zin dat onder autochtonen het tribale denken groeit. Die ontwikkeling is verkeerd omdat die het gezag van de overheid als waker over ieders veiligheid ondermijnt. Dat is gelijkertijd ook de verklaring. Het aarzelende en vaak als soft geziene optreden van de Nederlandse overheid schept ruimte voor allochtone tribaliteit en versterkt de ontwikkeling van tribale gevoelens onder de Nederlandse bevolking. Het meest tribale segment in de West-Europese samenlevingen, de motorbendes,  hebben al van zich doen horen.Wanneer er geen oplossingen worden gevonden zal het probleem in de toekomst alleen maar groter worden en leiden tot verharding en verdere polarisatie binnen de Nederlandse samenleving.


Zero Tolerance als oplossing


Er is maar één oplossing die door leden van een tribale cultuur worden begrepen en dat is ‘zero tolerance’. Alle andere middelen die tot nu toe zijn ingezet worden onvoldoende serieus genomen of zelfs voor eigen doeleinden benut. Onderwijs zoals D’66 bepleit zal niet helpen en dat geldt bijvoorbeeld ook voor het zich tegen discriminatie keren zoals de PvdA voorstaat. De Nederlandse samenleving heeft baat bij een zeer strenge overheid die alle vormen van criminaliteit, uitkeringsfraude, economische delicten, geweld en islamisering met een zekere agressiviteit bestrijdt. Die ook een volstrekt open discussie beschermt. Ze zal daarmee door moeten gaan tot het gedrag dat voortkomt uit de tribale cultuur uitdooft en er een basis ontstaat voor feitelijke integratie.